De bladzijdes worden gehaakt in heen- en weer gaande toeren. Haak na elke toer een losse en keer om. Deze keerlosse wordt niet in het patroon genoemd. Haak 4 bladzijdes met beige en 4 bladzijdes met lichtgroen.
Haak 26 l
1. 25 v vanaf de 2e l vanaf de naald.
2. t/m 25. 25 v
Hecht af en werk de draad weg.
2. Aapje - Gezichtje
Haak 5 l met beige. Het gezichtje is ovaal, je haakt eerst over de bovenkant van de ketting en dan haak je door langs de onderkant. Sla 1 l over, haak 3 v, 3 v in de volgende v, 2 v, 2 v in de volgende v, sluit af met 1 hv in de 1e v (= 10 v)
1. 1 l, 2 v, 3x (2 v in elke v), 2 v, 3x (2 v in elke v), sluit af met 1 hv in de 1e v (= 16 v)
2. 1 l, 2 v, 3x (1 v, 2 v in de volgende v), 2 v, 3x (1 v, 2 v in de volgende v), sluit af met 1 hv in de 1e v (= 22 v) Hecht af.
3. Kopje
Haak 2 l met bruin of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
4. 6x (1 v, 2 v in 1 v, 1 v) (= 24 v)
Sluit de toer met 1 hv en hecht af. Naai het gezichtje op het kopje. De bovenkant van het gezichtje komt in het midden van het kopje.
4. Oortjes (haak er 2)
Haak 2 l met bruin of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
Hecht af en naai de oortjes aan weerszijden van het kopje vast. De bovenkant van de oortjes komt op dezelfde hoogte als de bovenkant van het gezichtje.
5. Lijfje
Haak 2 l met bruin of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
In de volgende toer haak je de pootjes en het staartje. (Zie ook de bruine steken in het schema)
4. 1 v, 1 hv, 5 l, sla 1 l over, 3 v, 1 hv, 1 v, 1 hv, 8 l, 2 v in elke l vanaf de 2e l vanaf de naald, 1 hv, 1 v, 1 hv, 5 l, sla 1 l over, 3 v, 1 hv, 1 v, 1 hv. Hecht af en knip de draad niet te kort af.
Naai het kopje op het lijfje. De bovenkant van het kopje komt op het midden van het lijfje.
6. Voorpootjes (haak er 2)
Haak 8 l met bruin.
1. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald 1 v in elke l (= 7 v)
Hecht af en naai de pootjes aan de onderkant van het kopje vast.
Borduur met bruin het neusje en met zwart 2 oogjes op het gezichtje, zie foto voor plaatsing.
7. Giraf - Kopje
Haak 2 l met oranje of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
4. 6x (1 v, 2 v in 1 v, 1 v) (= 24 v)
5. Haak 5 l, sla 1 l over en haak 1 hv, 1 v, 1 hst, 1 v. Sluit af met 1 hv in de 1e steek van toer 4. Haak nu als volgt verder langs toer 4: 3x (3 v, 2 v in de volgende v), haak 5 l, sla 1 l over en haak 1 hv, 1 v, 1 hst, 1 v, sluit af met 1 hv. Hecht af.
8. Nek
De nek wordt gehaakt in heen- en weer gaande toeren. Haak na elke toer 1 losse en keer om. Deze keerlosse wordt niet in het patroon genoemd.
Hecht met oranje weer aan in steek 7 van toer 5 van het kopje.
1. t/m 7. 5 v
Hecht af en werk de draad weg.
9. Snuitje
Haak 2 l met beige of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
Hecht af en naai de snuit op het kopje, de onderkant van de snuit zit ter hoogte van de 1e toer van de nek.
10. Hoorntjes (haak er 2)
Haak de hoorntjes tussen de oren aan de bovenkant van het kopje met 4 steken ertussen.
Hecht aan met bruin en haak 4 l in de v van toer 5 van het kopje.
1. Haak 3 v in de 2e l vanaf de naald. Haak nu 1 hv in de overige l. Maak 1 hv in de v waar je bent begonnen. Hecht af en werk de draad weg.
Borduur de vlekken en neusgaten met bruin en de oogjes met zwart, zie foto voor plaatsing.
11. Krokodil
De krokodil wordt gehaakt in heen- en weer gaande toeren. Haak na elke toer 1 losse en keer om. Deze keerlosse wordt niet in het patroon genoemd.
12. Bovenkant
Haak 21 l met donkergroen.
1. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald: 14 v, 6 hv
2. 3x (2 hv samenhaken), 14 v
3. 1 hst, 3 hv, 3 st in de volgende v, 1 hv, 4x (in de volgende steek: 1 hv, 2 l), 2 hv. Hecht af.
13. Onderkant
Haak met lichtgroen 4 l, keer je werk niet, maar haak verder in de 17e l aan de buikkant van het donkergroene deel (zie foto).
1. 11 v
2. Haak 2 v samen, 9 v, 4 hv in de 4 l waar je mee bent begonnen.
Hecht af en werk alle losse draden weg.
14. Pootjes (haak er 2)
Haak 4 l met donkergroen.
1. Haak 3 v vanaf de 2e l vanaf de naald.
2. t/m 4. 2 v
Hecht af. Naai de pootjes op het lijf, zie foto voor plaatsing.
Borduur met wit het oogje en tandjes, maak met een draadje zwart de pupil voor het oog.
15. Luiaard - Kopje
Haak 5 l met beige. Het kopje is ovaal, je haakt eerst over de bovenkant van de ketting en dan haak je door langs de onderkant.
1. Sla 1 l over, haak 3 v, 3 v in de volgende v, 2 v, 2 v in de volgende v, sluit af met 1 hv in de 1e v (= 10 v)
2. 1 l, 2 v, 3x (2 v in elke v), 2 v, 3x (2 v in elke v), sluit af met 1 hv in de 1e v (= 16 v)
3. 1 l, 2 v, 3x (1 v, 2 v in de volgende v), 2 v, 3x (1 v, 2 v in de volgende v), sluit af met 1 hv in de 1e v (= 22 v) Hecht af.
16. Gezichtje
Haak 2 l met wit of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
4. 6x (1 v, 2 v in 1 v, 1 v) (= 24 v)
Sluit de toer met 1 hv en hecht af. Naai nu het gezichtje op het kopje. De onderkant van het gezichtje komt tegen de onderkant van het kopje.
17. Oogvlekken (haak er 2)
Haak 5 l met bruin.
1. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald 1 v in elke l (= 4 v)
Hecht af en naai de oogvlekken op het kopje vast. (Zie foto voor plaatsing).
Borduur nu met zwart de oogjes, het mondje en het neusje op het gezichtje.
18. Lijfje
Haak 5 l met beige. Het lijfje is ovaal, je haakt eerst over de bovenkant van de ketting en dan haak je door langs de onderkant.
1. Sla 1 l over, haak 3 v, 3 v in de volgende v, 2 v, 2 v in de volgende v, sluit af met 1 hv in de 1e v (= 10 v)
2. 1 l, 2 v, 3x (2 v in elke v), 2 v, 3x (2 v in elke v), sluit af met 1 hv in de 1e v (= 16 v)
3. 1 l, 2 v, 3x (1 v, 2 v in de volgende v), 2 v, 3x (1 v, 2 v in de volgende v), sluit af met 1 hv in de 1e v (= 22 v)
4. 1 l, 2 v, 3x (1 v, 2 v in de volgende v, 1 v), 2 v, 3x (1 v, 2 v in de volgende v, 1 v) (= 28 v) Hecht niet af.
Je gaat nu de pootjes haken. De pootjes worden gehaakt in heen- en weer gaande toeren. Haak na elke toer 1 losse en keer om. Deze keerlosse wordt niet in het patroon genoemd.
1. 2 v
2. t/m 5. 3 v
6. Haak 2 v samen, 1 v (= 2 v)
7. 2 v
Hecht af.
Haak nu het 2e pootje. Begin in steek 5 van toer 4 van het lijfje.
1. t/m 5. 3 v
6. Haak 2 v samen, 1 v (= 2 v)
7. 2 v
Hecht af.
Naai het kopje op het lijfje. Zie foto voor plaatsing.
19. Tijger - Snuitje
Haak 2 l met wit of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
Hecht af, maar knip de daad niet te kort af.
20. Neusje
Haak 2 l met zwart.
1. 2 v in de 2e l vanaf de naald.
2. Keer het werk en haak 2 v in elke v
Hecht af, knip de draad niet te kort af en naai het neusje op het snuitje. Knip de draad niet af.
Borduur met de zwarte draad een verticaal streepje onder het neusje.
21. Kopje
Haak 2 l met oranje of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 1e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
4. 6x (1 v, 2 v in 1 v, 1 v) (= 24 v)
5. 2 v in elke 4e v (= 30 v)
6. Haak in de 1e v (1 v, 1 hst, 1 st, 1 hst, 1 v), 6 hv, in de 8e v (1 v, 1 hst, 1 st, 1 hst, 1 v), sluit de toer met 1 hv en hecht af. Naai nu het snuitje op het kopje (zie foto voor plaatsing).
22. Lijfje
Het lijfje wordt gehaakt in heen- en weer gaande toeren. Haak na elke toer 1 losse en keer om. Deze keerlosse wordt niet in het patroon genoemd.
Haak 8 l met oranje.
1. Haak 7 v in de 2e l vanaf de naald.
2. en 3. 7 v
Je gaat nu verder met de pootjes.
4. Haak 3 v en keer je werk.
5. 3 v
6. Haak 2 v in elke v (= 6 v) en hecht af.
Hecht met oranje weer aan in steek 4 van toer 3, herhaal toer 4 t/m 6. Hecht af en werk de losse draden weg. Naai het kopje op het lijfje. De onderkant van het kopje komt tussen toer 2 en 3 van het lijfje.
23. Staartje
Haak 12 l met oranje.
1. Haak 1 hv in elke l.
Hecht af. Naai het staartje aan de achterkant van je tijgertje vast, ter hoogte van de onderkant van het kopje.
Borduur met zwart de oogjes en de streepjes op het kopje en het lijfje (zie foto voor plaatsing).
24. Panda - Lijfje
Haak 2 l met wit of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v), sluit de toer met 1 hv
Ga nu verder met zwart.
4. 24 v
Sluit de toer met 1 hv en hecht af.
25. Kopje
Haak 2 l met wit of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in elke v (= 12 v)
3. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
4. 6x (1 v, 2 v in 1 v, 1 v) (= 24 v)
Sluit de toer met 1 hv en hecht af.
Naai het kopje op het lijfje.
26. Oortjes (haak er 2)
Haak 2 l met zwart of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
Hecht af en naai de oortjes op het kopje vast. (Zie foto voor plaatsing)
27. Oogvlekken (haak er 2)
Haak 3 l met zwart.
1. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald 1 v in elke l (= 2 v)
Hecht af en naai de oogvlekken op het kopje vast. (Zie foto voor plaatsing). Borduur nu met wit de oogjes en met zwart een neusje (zie foto).
28. Armpjes (haak er 2)
Haak 5 l met zwart.
1. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald 1 v in elke l (= 4 v)
Hecht af en naai de armpjes aan het lijfje vast, zie foto voor plaatsing.
29. Voetjes (haak er 2)
Haak 2 l met zwart of begin met een magische ring.
1. 6 v in de 2e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2. 2 v in de 1e v en 2e v, 1 hv
Hecht af en naai de voetjes op het lijfje vast.
30. Slang
Haak 40 l met donkergroen.
1. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald: 9 hv, 20 v, 5 hst, 2 v, 1 hv (laat de laatste 2 l van de ketting onbewerkt).
2. Haak 5 l, keer je werk en haak vanaf de 2e l vanaf de naald: 2 hv, 3 v, 1 hv
3. Keer je werk, haak 1 hv, 3 v, 1 hv
Hecht af.
De slang wordt later om een tak gewikkeld voor hij op de bladzijde wordt geborduurd. Borduur er dan met oranje nog een tong bij.
31. Tak (haak er 3)
Haak 24 l met bruin.
1. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald 9 v, 7 l, 1 l overslaan, 20 v
Hecht af, laat een lange draad over om de tak op een bladzijde vast te naaien.
32. Blaadjes (haak er 2 met lichtgroen, 4 met donkergroen)
Haak 4 l, 1 hv, 1 v, 1 hv vanaf de 2e l vanaf de naald. Keer niet om. Haak 4 l, 1 hv, 1 v, 1 hv vanaf de 2e l vanaf de naald. Sluit af met 1 hv. Hecht af, laat een lange draad over om de blaadjes op een bladzijde vast te naaien.
33. Liaan
Haak 7 l met lichtgroen. Haak 1 hv in de 4e l vanaf de naald, herhaal 6x. Haak 3 l. Hecht af, knip de draad niet te kort af, zodat je de liaan later kunt vastnaaien.
34. In elkaar zetten en afwerken
Borduur nu alle dieren, takken, blaadjes en de liaan op een bladzijde. Gebruik de foto’s als aanwijzing voor de plaatsing of laat je fantasie de vrije loop!
Als je alle applicaties hebt vastgenaaid, leg je de bladzijdes met de achterkanten tegen elkaar.
Haak een rij vasten met donkergroen langs de bladzijdes als volgt: 24 v langs de zijkant, 3 v op de hoek, 23 v langs de onderkant, 3 v op de hoek, 23 v langs de zijkant, 3 v op de hoek, 24 v langs de bovenkant. Sluit af met 1 hv in de eerste steek van de toer.
Nu naai je de pagina’s aan elkaar vast. Knip een draad van ongeveer een meter af. Leg de eerste twee pagina’s op elkaar en naai ze vast door onder de lussen van de vastenrij heen te zigzaggen. Vervolgens leg je pagina 3 er op en zigzag je onder de vasten lussen van pagina 2 en 3 door. Herhaal dit met pagina 4. Hecht af en werk de draad weg.
Previous stepCopy link to sharePrint / PDFNext step