Patroon voor het haken van de bakker muis van Hardicraft. De bakker wordt ongeveer 14 cm groot en wordt gemaakt met haaknaald 2,5 mm.
Hulpmiddelen
Materials
1
Grijs katoen garen
25 Gram(s)
2
Lichtroze katoen garen
10 Gram(s)
3
Blauw katoen garen
10 Gram(s)
4
Wit katoen garen
10 Gram(s)
5
Glaskraaltjes
2 Piece(s)
6
Naaigaren zwart
1 Piece(s)
7
Vulling
1 Piece(s)
8
Naainaald
1
9
Stopnaald
1
1. Beentjes
Haak 2 l met lichtroze of begin met een magische ring.
1\. 6 v in de 1e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2\. - 5. 6 v
Haak verder met grijs.
6\. 2 v in elke v (= 12 v)
7\. - 10. 12 v
Hecht af. Haak op dezelfde manier nog een beentje, maar hecht nu niet af.
Maak vast met 1 hv aan het 1e been. Deze hv telt niet als steek.
2. Lijfje
11\. Je haakt nu verder in het 1e beentje: 1 v in elke v, daarna haak je door in het 2e beentje: 1 v in elke v. In totaal heeft je toer nu 24 v
12\. - 25. 24 v
26\. Haak elke 7e en 8e v samen (= 21 v)
27\. 3 x (2 v samenhaken, 1 v), 12 v (= 18 v)
28\. 3 x (2 v samenhaken), 12 v (= 15 v)
Sluit af met 1 hv, laat een lange draad over om straks het hoofdje mee op het lijfje te naaien. Vul het lijfje op.
3. Kopje
Haak 2 l met grijs of begin met een magische ring.
1\. 6 v in de 1e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2\. 2 v in elke v (= 12 v)
3\. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
4\. 6 x (1 v, 2 v in de volgende v, 1 v) (= 24 v)
5\. 2 v in elke 8e v (= 27 v)
6\. 2 v in elke 9e v (= 30 v)
7\. - 11. 30 v
12\. Haak elke 9e en 10e v samen (= 27 v)
13\. Haak elke 8e en 9e v samen (= 24 v)
14\. 6 x (1 v, 2 v samenhaken), 6 v (= 18 v)
Vul het kopje op.
15\. 3 x (2 v, 2 v samenhaken), 6 v (= 15 v)
16\. 3 x (1 v, 2 v samenhaken), 6 v (= 12 v)
17\. 3 x (2 v samenhaken), 6 v (= 9 v)
Vul het kopje verder op.
18\. 3 x (2 v samenhaken, 1 v) (= 6 v)
Haal de draad door de overige 6 steken en trek aan. Werk de draad weg naar binnen. Naai het hoofdje op het lijf, zorg dat het achterhoofd parallel is met de rug (zie foto). De minderingen van toer 12 t/m 16 wijzen naar beneden.
Borduur met lichtroze een neusje en een mondje, gebruik de foto’s als aanwijzing voor de plaatsing. Borduur met naaigaren de kraaltjes voor de ogen tussen toer 9 en 10, laat 4 steken tussen de oogjes vrij. Naai de oogjes eerst op de juiste plek, steek daarna de naald van het ene oogje naar het andere en trek de draad aan zodat het kopje iets indeukt, herhaal dit nog een keer en zet de draad vast. Werk de draad weg naar binnen.
4. Oren (2x)
Binnenoor
Haak 2 l met lichtroze of begin met een magische ring.
1\. 6 v in de 1e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
Hecht af.
Buitenoor
Haak 2 l met grijs of begin met een magische ring.
1\. 6 v in de 1e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2\. 2 v in elke 2e v (= 9 v)
3\. 2 v in elke 3e v (= 12 v)
Hecht af
Naai het binnenoor in het buitenoor. Naai de oren aan het hoofd vast tussen toer 5 en 6, laat 4 steken tussen de oortjes vrij. Werk alle losse draden weg naar binnen.
5. Armpjes (2x)
Haak 2 l met lichtroze of begin met een magische ring.
1\. 6 v in de 1e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2\. - 4. 6 v
Haak verder met grijs.
5\. 2 v in elke 2e v (= 9 v)
6\. - 15. 9 v
Vul het armpje niet op. Druk de randen op elkaar en haak het armpje dicht met 4 v. Hecht af.
Naai de armpjes aan weerszijden van het lijfje ter hoogte van toer 26 vast.
6. Staartje
Haak 2 l met grijs of begin met een magische ring.
1\. 5 v in de 1e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 5 v)
2\. - 18. 5 v
Hecht af.
Naai het staartje vast op het lijfje ter hoogte van toer 15.
7. Muts
Haak 2 l met wit of begin met een magische ring.
1\. 6 v in de 1e l of in de magische ring, 1 hv in de 1e v (= 6 v)
2\. 2 v in elke v (= 12 v)
3\. 2 v in elke 2e v (= 18 v)
4\. 6 x (1 v, 2 v in de volgende v, 1 v) (= 24 v)
5\. 2 v in elke 4e v (= 30 v)
6\. - 7. 30 v
8\. Haak elke 4e en 5e v samen (= 24 v)
9\. 6 x (1 v, 2 v samenhaken, 1 v) (= 18 v)
10\. 18 v, haak hierbij alleen in de voorste lussen.
Sluit af met 1 hv. Naai het mutsje vast op het kopje.
8. Schort
Het schortje wordt in heen- en weergaande toeren gehaakt. Na elke toer keer je je werk.
Haak met wit een lossenketting van 16 l.
1\. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald 1 v in elke l (= 15 v)
2\. - 7. 15 v, 1 l
8\. 15 v, 16 l
9\. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald: 30 v, 16 l
10\. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald: 30 v
11\. 2 v samenhaken, 11 v, 2 v samenhaken (= 13 v)
12\. 2 v samenhaken, 9 v, 2 v samenhaken (= 11 v)
13\. 2 v samenhaken, 7 v, 2 v samenhaken (= 9 v)
14\. 2 v samenhaken, 5 v, 2 v samenhaken (= 7 v)
15\. 2 v samenhaken, 3 v, 2 v samenhaken (= 5 v)
16\. 5 v, 15 l
Hecht af. Hecht de draad aan het begin van toer 16 weer aan en haak een lossenketting van 12 l. Hecht af.
9. Schort zakje
Je begint aan de onderkant. Het zakje wordt in heen- en weergaande toeren gehaakt. Na elke toer keer je je werk.
Haak met wit een lossenketting van 4 l.
1\. Haak in de 2e l vanaf de naald 1 v in elke l (= 3 v)
2\. 2 v in 1 v, 1 v, 2 v in 1 v, (= 5 v)
3\. 2 v in 1 v, 3 v, 2 v in 1 v, (= 7 v)
4\. 7 v
Hecht af. Naai het zakje op de schort. De bovenkant van het zakje komt ter hoogte van toer 7 van de schort.
10. Theedoek
De theedoek wordt in heen- en weergaande toeren gehaakt. Na elke toer keer je je werk.
Haak met blauw een lossenketting van 11 l.
1\. Haak vanaf de 2e l vanaf de naald 1 v in elke l (= 10 v)
2\. - 10. 10 v, 1 l
Hecht af. Vouw de theedoek schuin dubbel en steek de punt in de schortzak. Naai de theedoek eventueel vast aan de schort.
Previous stepCopy link to sharePrint / PDFNext step